Met geweldige klippen en een spectaculair vogelreservaat (Isle of Noss) ligt Lerwick op het grootste eiland van de Shetland Eilanden, Mainland.
Er zijn ca. 100 Shetland Eilanden, waarvan 15 bewoont. Samen hebben ze ca. 20.000 inwoners. Deze eilanden behoorden van 875 tot 1469 aan Scandinavië. In dat jaar gaf koning Christian I van Denemarken en Noorwegen de eilandengroep aan koning James III van Schotland als bruidsschat van zijn dochter Margaret. Van 875 tot 1066 waren de Vikingen op ‘Zetland’ en maakten van daaruit hun veroveringstochten naar de andere eilanden en het vasteland van Schotland. Daarom heet de noordelijkste streek van het vasteland Sutherland (Zuiderland). Nog zijn vele plaatsnamen op de eilanden van Noorse oorsprong (o.a. –voe en –ness).
Het moderne Shetlandse dialect heeft als basis Lowland Scots, met woorden van Scandinavische oorsprong, maar ook zijn er nog vele Nederlandse namen te vinden. Aan het begin van de 17de eeuw kozen vele Nederlandse haringvissers de Shetland Eilanden als tussenstation. In Lerwick bouwden zij hun huisjes en hielden zich behalve met haringvangst ook met smokkelen bezig. Tijdens de Nederlandse-Engelse oorlogen keerden de Nederlanders terug. In 1673 werden Lerwick en Fort Charlotte in de as gelegd. Op de Shetland Eilanden zijn veel graven van Nederlandse vissers en van zeelieden van de VOC-schepen. In de 17de, 18de en begin 19de eeuw kwamen er 2000 tot 3000 vissersschepen naar de eilanden en waren er haast meer Hollanders dan Shetlanders. Een 5-pencestuk heet in het Shetland-dialect ‘stoer’, afkomstig van de Nederlandse stuiver. In 1942 was Scalloway de operatiebasis van de Shetland Bus, bijnaam voor de vluchtroute over zee tussen Noorwegen en de Shetland Eilanden die gebruikt werd door Noorse patriotten om saboteurs (geallieerde agenten) en ammunitie met vissersschepen naar het door de Duitsers bezette Noorwegen te brengen. Ze namen vluchtelingen mee terug. In de winter van 1942/1943 gingen daarbij vele mensenlevens verloren.
De eilandbewoners voelen zich ver weg van Schotland. De eilanden liggen dichter bij de Noordpoolcirkel dan bij Londen. Het landschap, bijna zonder bomen, is veelal bedekt met turf, waarmee de Shetlanders hun woningen warm stoken. Op de weiden grazen de kleine Shetland-schapen; Shetland-pony’s ziet men niet meer zo vaak. Er groeien zo’n 500 soorten planten, waaronder verschillende orchideeën. Vooral in het voorjaar en in de zomer zijn de eilanden bedekt met een bloementapijt. Hier en daar zijn zandstranden, maar veel van de kustlijn bestaat uit woeste zandstenen kliffen, waarop ’s zomers veel zeevogelkoloniën huizen. Rondom de eilanden kan men zeehonden en zeeotters waarnemen. Het leven van de crofters en vissers veranderde in 1974, toen Sullom Voe de grootste olieoverslagplaats van Europa werd, in bezit van BP en Shell. Velen gingen in de buurt van Sullom Voe wonen. Tegenwoordig is ook het toerisme belangrijk geworden.
LerwickMainland is het grootste van de Shetland Eilanden. De hoofdstad Lerwick (ca. 6500 inwoners) ligt aan de oostzijde aan de natuurlijke haven Bressay Sound tegenover het eiland Bressay met geweldige klippen en daarachter het nog spectaculairder Isle of Noss, één groot vogelreservaat. Lerwick ontstond in de 15de en 16de eeuw, toen de Hollanders er kwamen vissen op haring, de beschutte haven ontdekten en er huizen bouwden. In die tijd was Scalloway de oude hoofdstad. Tijdens de Nederlandse-Engelse oorlogen liet Oliver Cromwell in 1665 boven de haven een fort bouwen. In 1673 werden dit fort en een groot gedeelte van Lerwick door de Hollanders vernietigd, maar in 1872 werd het fort door koning George III herbouwd en genoemd naar koningin Charlotte.
De belangrijkste toeristische attractie is het jaarlijkse Up-Helly-Aa Festival. Zo’n 300 als Vikingen uitgedoste Shetlanders gaan op de laatste dinsdag in januari in optocht door het stadje, voorafgegaan door hun hoofdman, de ‘Guizer Jarl’. Er wordt een groot model van een Vikingschip meegevoerd, dat aan het eind van het feest in brand wordt gestoken. De volgende dag wordt door de ‘Noormannen’ geld voor liefdadige doeleinden ingezameld. Overigens is het feest geen erfenis van de Vikingen, maar geïnspireerd op heidense zonnegodverering. De haven van Lerwick is interessant om zijn ‘lodberries’, aanlegsteigers die het mogelijk maakten de schepen vlak langs de koopmanshuizen af te meren (zeer bevorderlijk voor de smokkelhandel).
BezienswaardighedenParallel aan de kust en dwars door Lerwick loopt Commercial Street met vele winkels. Aan het zuideinde staan nog enkele oorspronkelijke koopmanshuizen met hun aanlegsteigers direct aan zee gebouwd, zodat de boten langszij konden afmeren, wat natuurlijk ook bevorderlijk was voor de smokkelhandel. Tussen Commercial Street en de Esplanade staat op een plein het Market Cross. Erachter ligt het TIC, ervoor de Victoria Pier. De P & O veerboten leggen meer naar het noorden aan; Shetland ligt op de route Bergen (Noorwegen), Faeröer Eilanden, IJsland. Vanuit Commercial Street loopt Charlotte Street omhoog langs Fort Charlotte naar de Town Hall aan Hillhead. Links hiervan is het Shetland Museum & Library. Hier zijn onder andere voorwerpen tentoongesteld (gouden en zilveren munten, tinnen lepels, gespen, knopen enz.) afkomstig van de bij Out Skerries gezonken Nederlandse VOC-schepen ‘De Liefde’ (1711) en ‘Kennemerland’ (1664). Naar schatting liggen er nog 5000 à 6000 zilveren florijnen en gouden dukaten, die tussen 1947 en 1982 door duikers in het wrak van ‘De Liefde’ zijn geborgen, in het douanekantoor in Lerwick en in het Britse ministerie van Verkeer en Waterstaat in Londen. Wat er mee gaat gebeuren is nog steeds niet bekend. Verder zijn er in het museum voorwerpen afkomstig van Shetland zelf, scheepsmodellen enz. Rond de Shetland Eilanden wordt nog steeds naar gezonken schepen en hun schatten gedoken. Het wrak van de White Star Liner ‘Oceanic’, voorganger van de ‘Titanic’ (1914), ligt er ook nog.
BressayTegenover Lerwick ligt het eiland Bressay, met grote klippen. U kunt een wandeling van 5,5 km naar de overzijde maken. Achter Bressay (’s zomers vaart men per dinghy de Noss Sound over) ligt het Isle of Noss, sinds 1955 een bekend vogel- en natuurreservaat met 150.000 broedende zeevogels (21 verschillende soorten), waaronder Jan-van-Genten, zeekoeten en noordse stormvogels. Ook is er een klif met papegaaiduikers (puffins). Deze vindt men ook in het natuurreservaat Hermaness in het noorden van het eiland Unst, met meer dan 100.000 broedende vogels. De schapen, die zich veelal met zeewier voeden, gaan voor bezoekers uit de weg. The Noup (198 meter) is het hoogste punt van het Isle of Noss. Na aankomst op Noss gaat men naar een klein Visitor’s Centre, waar men instructies krijgt. Bezoekers wordt verzocht zich aan het gemarkeerde pad op de kliftoppen te houden. Voor een wandeling rond het eiland heeft men enkele uren nodig.
South MainlandDe A970 loopt vanuit Lerwick naar Sunburgh, helemaal in het zuiden. Na circa 22 km ziet u de plaats Sandwick vanuit de hoogte liggen. Ten oosten daarvan ligt het onbewoonde Isle of Mousa, 5 km lang en 1 km breed met de best bewaarde broch (een ronde stenen toren) uit het einde van de 1ste eeuw v. Chr. (14,1 meter hoog en 15 meter in doorsnee). U kunt van binnenuit naar boven klimmen. Op de Isle of Mousa zijn ook veel nestelende vogels. Op afspraak wordt u overgevaren. Aan de westzijde van South Mainland ligt (iets zuidelijker) het schiereiland Saint Ninian’s Isle, waar in 1958 een 8ste eeuwse zilverschat werd ontdekt die nu in het National Museum of Antiquities in Edingburgh te zien is. Bij Boddam is het Croft House Museum (1870). Voordat men Sumburgh Airport bereikt, passeert u enkele zandstrandjes. Het uiterste zuidpuntje van South Mainland is Sumburgh Head, waarop de Sumburgh Lighthouse (vuurtoren; 1821) staat. Aan de andere zijde van het vliegveld ligt Jarlshof, drie dorpsnederzettingen uit 1500 v. Chr. In de 9de eeuw gaven de Vikingen ze deze naam. Sir Walter Scott beschreef Jarlshof in zijn roman The Pirate. Jarlshof bleef bewoond tot aan het einde van de 17de eeuw.
West MainlandDe oude hoofdstad Scalloway, met een drukke vissershaven, ligt 11 km ten westen van Lerwick. De stad wordt gedomineerd door de ruïne van Scalloway Castle (1600), gebouwd door Patrick Stewart. Earl of Orkney en Lord of Shetland. De Earls van Shetland en de Orkney Eilanden werden in 875, toen koning Harald van Noorwegen de eilanden veroverde, op zijn gezag als bestuurders aangesteld, wat duurde tot 1469. De kasteelruïne is te bezoeken. Naast het kasteel is de fabriek en showroom van de Shetland Woollen Co, met traditionele spullen uit Shetland. In het blauwgeschilderde winkeltje Scalloway View links aan de haven woont Mr. C.J. Williamson, schrijver van het boek At the Oil Camp en andere verhalen over Shetland. Hij heeft vele oude foto’s en prentbriefkaarten en kan veel vertellen aan belangstellende bezoekers. In het centrum van Scalloway aan de haven is het interessante Scalloway Museum over de geschiedenis van de Shetland Eilanden. Even verderop aan de haven is de Prince Olav Slipway, gebouwd in 1942 om de Noorse vissersboten die bij de operatie ‘Shetland Bus’ gebruikt werden te repareren. Nu worden er plaatselijke vissersboten gerepareerd. Nog wat verder is de ‘Da Ben End’ (‘de beste kamer’) Tea-Room.
Ten noorden van Scalloway ligt het dal van Tingwall, met mooie boerderijen. Vanuit Scalloway gaat de B9074 via bruggen over het eiland Trondra naar het leuke vissersplaatsje Hamnavoe, gelegen op het eiland West Burra ten zuiden van Scalloway. Het eiland Foula (circa 29 km uit de kust naar het westen gelegen) is een klein, eenzaam croftingeiland (circa 50 inwoners) met indrukwekkende kliffen en zeevogelkolonies. Er grazen bruine Shetland-schapen. Op het eiland zijn nog vele Noorse invloeden, zoals de namen en de huizenbouw. Vanuit Walls gaat er een veerboot heen.
North MainlandDe A970 gaat vanuit Lerwick in noordelijke richting naar Voe, een plaatsje met een pier en wat houten huizen die herinneren aan de banden met Noorwegen. Hier zijn de werkplaatsen voor tweed en gebreide kleding van T.M. Adie & Sons, de oudste familiezaak in Shetland, uit 1830. Mrs. Adie heeft boven de winkel (tevens postkantoortje) een ‘showroom’ met een meer dan honderd jaar oud boek met tweedpatronen. Hier werden ook de Shetlandtruien gemaakt voor de leden van de Mount Everest Expeditie in 1953. Tweed wordt hier nog met de oude houten weefgetouwen gemaakt.
Net voor Voe gaat de B9071 in oostelijke richting naar Laxo, vanwaar de autoveerboot meerdere malen per dag naar het eiland Whalsay (1000 inwoners), genoemd ‘Bonnie Isle’, oversteekt. Whalsay (afkomstig uit het oud-Noors, walvis-eiland) heeft een vissersvloot in het haventje van Symbister. Dicht bij de pier is het Pier House. Op een heuvel boven de haven staat het Symbister House (1830). De Schotse dichter Hugh MacDiarmid woonde van 1933 tot 1942 op Whalsay. Behalve de visserij zijn op het eiland crofting, breien en turfsteken bronnen van inkomsten.
Ten noorden van Whalsay liggen twee eilanden, de Out Skerries, verbonden door een brug, met een gemeenschap van 86 vissers. Op de eilanden zijn verscheidene kleine cirkels van stenen en één grote, genaamd ‘the Battle Pund’. Ook hier zijn tijdens het trekseizoen vele zeldzame vogels. In de vorige eeuw lagen de eilanden op de smokkelroute van Hollandse jenever en tabak.
In Voe splitst de weg zich verder in de A968, die noordwaarts doorloopt naar Toft, vanwaar de veerboten naar het eiland Yell en verder naar Fellar en Unst vertrekken. Aan de andere zijde van Toft is de Sullom Voe Oil Terminal waar dagelijks ongeveer 1,3 miljoen vaten ruwe olie worden verwerkt en door grote tankers naar raffinaderijen overal ter wereld worden gebracht.
Nuttige tips Munteenheid De munteenheid is de Britse Pond.U kunt bijna overal terecht met creditcards (Visa, Master, American Express, Diners). Er zijn tevens pinautomaten op de Shetland Eilanden. In sommige toeristenplaatsen wordt er ook buitenlandse valuta geaccepteerd zoals Amerikaanse dollars of Euro’s, vraag dat echter van te voren! De banken zijn over het algemeen geopend van maandag tot en met vrijdag van 09.30-15.30 uur.
Taal Engels. TelefonerenNaar Nederland direct: 00 31 + netnummer zonder 0 + abonneenummer.
Naar België direct: 00 32 + netnummer zonder 0 + abonneenummer.
Uw eigen GSM kunt u tevens gebruiken op de Shetland eilanden.
InternetIn Lerwick is een internet café, op ca. 50 m afstand van de aanlegplaats van de tenderboten.
WinkelenIn Commercial Street in Lerwick vindt u verschillende winkels. Souvenirs: Shetland wol, lokale sieraden.
Ligplaats schipHet schip zal voor anker gaan en tenderboten brengen u van het schip naar de kade en visa versa. Het is vanaf de aanlegplaats van de tenderboten ca. 200 meter lopen naar het centrum.
| Populatie: | 60.943.000 |
| Hoofdstad: | Londen |
| Munteenheid: | GBP |
| Oppervlakte: | 244.820 km² |
| Continent: | Europa |